Vandaag was een dag met vele nieuwe uitdagingen: van een 4x4 pad met een Peugeot 308 tot een Spaanse maaltijd bestellen in een Spaanse bar met enkel Spaanssprekende mensen, 2 uur vroeger dan de keuken open gaat. Gaaf! Maar ook een dag van de gewenste verzengende hitte in de woestijn. Een dag vol hoogtepunten!
Vanmorgen gaat om 07:30 de wekker na wat een heerlijk nachtje genoemd mag worden. Prima vertoeven op dit plekje. En na een wederom prima ontbijt om de hoek, vertrek ik voor een 15 min wandeling naar de parkeergarage, terwijl Bas en Sam de laatste dingen inpakken en naar de plek lopen waar ik naartoe zal komen. Eenmaal in de parkeergarage blijkt het vinden van de geldautomaat nogal een uitdaging, maar na een wandeltochtje over de autopaden vind ik hem gelukkig en werkt zelfs het wifibetalen (hele opluchting, want ik had geen pasjes bij).
De zoektocht terug naar het hotel is weer een uitdagende, maar even later zitten we ingepakt en wel in de auto op weg naar Spanje. Maar niet voor we nog even een flitsbezoekje brengen aan de camping waar we in mijn jeugd altijd vertoefden in Bidart: Camping Berrua. Waar vroeger onze vouwwagen stond, staan nu luxe cabines. Het leven heeft een upgrade ondergaan!
Spanje!
We rijden door en binnen no-time zijn we de grens over! Yes! Eindelijk kunnen we Sams vraag: ‘Zijn we al in Spanje?, die nog steeds elk uur op repeat staat, beantwoorden met ‘Ja’, of eigenlijk ‘si’ als we het echt goed willen doen. Ik rij nog een stuk door, maar mijn rug heeft er vandaag weer geen zin in en dus wisselen Bas en ik bij een tankstation in de buurt (waar gewoon serieus nog door iemand voor je getankt wordt!!) om en pop ik twee ibuprofennetjes.
Het is een mooie groene route langs de meanderende rivier Bidasoa, die we steeds opnieuw overgaan. De zon schijnt, het is clear blue sky, maar dat moet ook, want het is Spanje! Even verderop begint het landschap te veranderen van bergachtig, groen en vruchtbaar, naar droog met weinig begroeiing. We komen in de buurt van onze ‘excursie’ van vandaag: woestijn, Bárdenas Reales.
Bárdenas Reales
Nadat we een paar kilometer naar het bezoekerscentrum hebben gereden, ontvangen we een kaartje van het Nationale Park, dat uit 3 zones bestaat: Bardena Piano (vlak en bedekt), Bardena Bianca: het bekendste deel; rotsformaties en woestijnachtig en Bardena Nigra: donkerdere grond met begroeiing en pijnbomen. We besluiten te beginnen met het bekendste deel en rijden een toffe goed begaanbare onverharde route met de auto. We leren dat dit ruige, onbekende natuurgebied mogelijk nog maar 50 jaar te zien is. Het landschap spoelt weg door de erosie. En de tevens door erosie uitgesleten kloven en rotsformaties worden hierdoor steeds kleiner. Het is echt een heel bijzonder gezicht deze rotsen, alsof je een geplooid gordijn vasthoudt.
Het is overigens ook echt fucking heet, maar ik klaag niet want in Nederlands stormt het heb ik begrepen. Gelukkig hebben we airco in de auto om af en toe een beetje af te koelen. Sam vermaakt zich overigens ook prima, want hij heeft zijn emmertje en schepje bij en ondanks de vaste grond op de parkeerplaats, krijgt hij toch af en toe een schepje zand (of een paar korrels) te pakken om in zijn emmertje te doen. En anders lost hij het op met een stel stenen in zijn emmer. Zo’n gemakkelijk kind.
Nadat we een rondje van zo’n 2 uur gereden hebben, met verschillende tussenstops, zijn we toch nog wel een beetje benieuwd naar Bardena Nigra, naar die pijnbomen en het andere type landschap. En dus rijden we een ruim uur OM naar de autoroute van dat gebied. Die route wordt echter niet zo vaak gereden en gaat daarnaast ook van 0 m hoogte naar 600 m hoogte. Die beide dingen waren echter niet echt vermeld vooraf en dus hobbelen we, alsof we met een ruige Landrover op pad zijn, over een teringsmal pad (als we maar geen tegenliggers tegenkomen….) vlak langs de afgrond naar boven. Even heb ik een visioen naar ‘de gevaarlijkste wegen van de wereld’ en vraag ik me af hoe wij het toch weer voor elkaar krijgen om op zo’n weg terecht te komen. Een beetje spannend vind ik het ook wel, zeker met de 39 graden hier en de auto die hard moet werken en dan niet te vergeten de India-achtige weg met hobbels en kuilen. Als we hier stranden hebben we serieus een probleem.
Een uurtje en 5 kilometer later komen we aan op een uitzichtpunt, geen pijnboom te vinden, maar wel een prachtig uitzicht van op de berg en ook maretak, waarna ik uit een interessant verhaal van Bas leer dat deze een symbiotische relatie heeft met een steenden. We tuffen nog een eindje verder, de weg wordt er helaas niet gemakkelijker op, waarna we nog een geocache op een berg vinden met bijna 360 graden view. Grappig hoe zo’n rotsformatie volledig plaatselijk kan zijn, maar dat is dan ook echt op een specifieke plaats en eindigt vlak daarnaast. Maar echt serieus vet uitzicht. En in dat uur dat we nu gereden hebben gewoon helemaal NIEMAND tegengekomen. Terwijl: het is zooo mooi! Zouden al die andere mensen die info-note van het onbegaanbare pad WEL hebben ontvangen? 😉🤔
Onze 4x4 mag even afkoelen voor we weer langzaam naar beneden tuffen, uiteraard niet met een gemakkelijkere weg en dus hobbelen we lekker door. Ach, voor comfortzone hoeven we het niet te doen.
Cervaria
Tijd om richting hotel te gaan. Tien minuten van de bestemming af moet Sam ‘een poepje doen’ en dus een korte ongemakkelijke stop, waarbij hij in de berm gehurkt zelf een poepje doet. Weer een fase door met hem: zelf poepen zonder wc. En dat gaat goed! En terwijl de vliegen op zijn poepje af racen, ra em wij weer verder naar het kleine dorpje ‘Cervera del Rio Alhama’, waar ik een tof hotel gevonden heb, in een soort van grot. Aangekomen in het dorpje, of beter gezegd: straat, moeten we steil een bergje op voor 50 meter. Om gelijk daarna niet meer verder te kunnen, de rest zal te voet moeten. En dus ga ik even verkennen tussen de verlaten mini steegjes.
Achter me loopt 1 man die dezelfde kant op moet, maar ik weet niet waar ik heen moet en dus voelt het alsof ik in een horrorfilm terecht gekomen ben en deze man me zo gaat vermoorden. Gelukkig overleef ik het verhaal, blijk ik in de verkeerde straat te zitten en loop een ander steegje omhoog naar een hotel dat… gesloten lijkt…
De man komt ook die kant op en ik leg met handen en voeten uit dat we bij het hotel moeten zijn. Het schijnt zijn neef te zijn (is dat niet zo met iedereen hier…?) en hij probeert even te bellen. Er wordt niet opgenomen en dus bel ik zelf even met het nummer op de gevel, waarna een verschrikte man opneemt en voldoende begrijpt om de deur open te komen doen. Engels spreekt hij niet en dus krijgt hij moeilijk uitgelegd dat er geen los bedje voor Sam is. We nemen dus een iets comfortabelere kamer (de beste van het hotel vertelt hij er even bij) en die is ook nog beschikbaar, omdat er serieus echt NIEMAND in dit hotel lijkt te zijn, behalve wij. Heerlijk!
Met handen en voeten en de translator komen we er uit en droppen onze spullen in de, het moet gezegd worden, fantastische kamer. Super schoon, heel erg ruim bed (ik denk dat ik Bas kwijt ben vannacht) en het ruikt heerlijk (erg belangrijk!). Bovenop zit een ruim terras met verschillende loungestoeltjes, prachtig uitzicht en ook een binnenplekje en op de achtergrond hoor je af en toe het lokale kerkje luiden. En verder: niets, rust… het is zo’n dorpje waar echt niets gebeurd. Heeeerlie de peerlie!
Behalve dan Sam, die op het terras even later als Bas de spullen halen is (en het kamer kaartje mee heeft) ineens moet ‘poepen’. Gelukkig blijkt er bij de lounge een comfortabel toilet te zitten, maar dan blijkt hij een ongelukje te hebben gehad. Echt heeeel z’n ondergoed en billen onder de schijt. Yes! Heerlijk! I love it... En dus in de wc alles uit, schrapen met het wc papier, en uitwassen het onderbroekje zoveel mogelijk.
Gatverdegatver.
Super ranzig.
Maar ja, niets aan Sam laten merken natuurlijk, want ongelukjes horen erbij. Blij ben ik wel als hij vervolgens in z’n blote billen van verdieping 3 naar 2 de trap afhobbelt (dat is dan weer het voordeel van een hotel voor jezelf) en in de kamer hem verder schoon kan maken…
Ongemakkelijk eten
Over smakelijke dingen gesproken: we moeten nog wel eten. De eigenaar verwees ons naar de ‘enige’ bar in het dorp ‘Diabel’ waar we zouden kunnen eten en om 19:00 rammelen onze maagjes wel een beetje en daarnaast moet Sam ook gewoon naar bed. We lopen het bergje af, steken over en zijn duidelijk vreemden hier, door de hoeveelheid die we worden nagekeken. Eenmaal de bar in wordt er nog vreemder gekeken door de aanwezigen. Alsof ze nog nooit vreemden hebben gezien en anders mensen onder de 50. We hebben het dan natuurlijk ook serieus over een niet-toeristisch dorpje, waar ze nog nooit iemand van buitenaf gezien hebben. De lokale bevolking drinkt hier duidelijk maar 1 ding: bier!
De neef van de eigenaar (voortaan: neef) van het hotel is er ook en terwijl wij een beetje verdwaasd staan te kijken hoe we eten kunnen bestellen, verwijst hij ons naar een restaurant een dorp verderop, wat gesloten blijkt te zijn volgens Google. En dus toch hier maar proberen. De fruitautomaten hebben Sams aandacht gevangen (wat wil je met al die lichtjes) en neef heeft het zo te zien een beetje te doen met ons. De eigenaar spreekt geen Engels en neef ook niet echt, maar ik zie aan alles dat hij ons wil helpen. Met een biertje in de hand begint hij voor ons zo goed en zo kwaad als het gaat de menukaart te vertalen. Lang niet alles begrijpelijk, maar wij zijn allang blij dat de bereidheid om ons aan eten te helpen zo groot is.
Even later bestellen we de begrijpelijkste gerechten de op kaart (varken, kip, frietjes en kipnuggets) om ook even uit te moeten leggen dat we dat graag zo snel mogelijk willen. Tja, we zijn dan ook bijna 2 uur eerder dan wanneer de gemiddelde Spanjaard dineert…. Maar ja onze zoon moet naar bed. Die is overigens nergens te bekennen, want een lokale meneer laat hem de lichtjes van de fruitautomaat zien (je kunt gokken niet jong genoeg leren…?). Neef laat ons na het bestellen alleen met de overige lokale mensen en wij durven het nu wel aan.
We voelen ons een beetje bezwaard nu de bareigenaar eigenhandig onze kip en varken staat te bakken, maar nemen plaats aan een houten tafeltje voor het raam, dankbaar en bescheiden als we even later onze prima maaltijd met twee spiegeleitjes en een mandje brood verorberen. Dikke prima! Helemaal happy. Wel super ongemakkelijk, maar daarom eigenlijk wel charmant. Want eigenlijk gebeuren er pas echt leuke dingen als je niet de gebaande paden bewandelt. Dat is waar de magie gebeurt. En dus bestelt Bas nog snel een drankje en taaien we daarna lekker af: Sam op bed, wij naar de loungebanken op het terras: nog even relaxen na deze intensieve dag. Morgen naar omgeving Madrid!