De afgelopen drie nachten verblijven we steeds 1 nachtje per hotel in Siracusa, Agrigento en Palermo. Met serieus wisselend succes (Siracusa: JA! Agrigento: NEEEEE! Palermo: jaowor). Ik ben sowieso al niet 1-nachtje-fan, maar sommige ervaringen deze dagen hebben mijn beeld ook niet verbeterd 😅. Echter, in Agrigento was ik heel blij dat we maar 1 nachtje bleven. Gelukkig was er ook meer dan genoeg wat echt super leuk was, zoals de rondleiding en proeverij bij een olijfgaard. Het waren uiteraard weer dagen met een verhaal 😬😁, dus lees ze:
Na vertrek uit Letojanni rijden we door naar ons laatste stopje voor we naar Siracusa zullen doorrijden. Op de berg waar we langs rijden ligt namelijk het schattige dorpje Taormina, dat ik van mijn collega Marieke aangeraden heb gekregen. Daarnaast wil Bas daar graag een bezoek brengen aan het Griekse amfitheater wat nog redelijk intact is.
Het dorpje is niet helemaal berekend op veel autoverkeer en dus is het even manouvreren en zoeken naar de goede hoeken om de bochten door te komen, zonder een auto, dan wel mens te schampen. Gelukkig lukt dat zonder beschadigingen aan de auto 😉 en na even zoeken vinden we een parkeerplaats. Op die plaats moeten we echter wel onze autosleutel achterlaten, want ze parkeren je auto zelf in op een efficiënte manier in rijtjes achter elkaar. Dat hebben we al eens eerder meegemaakt toen we op vakantie waren in Barcelona, maar blijft toch een beetje een vreemde gewaarwording. Je geeft immers je hele hebben en houwen even af aan een willekeurige Italiaan en hoopt maar dat je hem kunt vertrouwen.
De paspoorten neem ik dus maar even mee en mijn iPad (waarmee ik altijd blog) leg ik onder de passagiersstoel. Dat blijkt later overigens een heel dom idee te zijn geweest, want mijn iPad-hoes is sinds een week afgescheurd (verduurd, teveel geblogd denk ik 😉) en dus is het scherm niet meer bedekt. En laat ik nou net mijn iPad onder een stuk stoel schuiven wat wellicht iets te veel druk op het scherm zet…. En dus heb ik inmiddels een gebarsten scherm met 5 uitlopers… zucht… het zal ook eens een keer niet 😒
Enfin, we gaan op pad naar het Amfitheater en ik moet zeggen: ik ben niet op mijn best vandaag. Stiekem hebben we de afgelopen dagen net een beetje te weinig geslapen… te laat naar bed, vroeg op, de hele dag input en Sammetje, zonsondergang op de Etna. Ik weet het, het is vakantie en we doen het helemaal zelf ook, maar er is ook zoveel te zien en te doen! En naast dat feit is er nog iets waar ik altijd moeite mee heb bij reizen. Ik kom eigenlijk pas tot rust als we eerst op onze slaapplek geland zijn, als ik zeg maar weet: hier kunnen we vanavond slapen - de spulletjes staan gestald - en van daaruit dus op pad gaan. En met vandaag nog krap 2 uur in de auto naar Siracusa, zijn we er dus nog niet. Alle spulletjes liggen nog ingepakt in de auto te wachten op hun nieuwe plekje. En daarnaast ga ik met 1 nacht op een locatie (voor we doorgaan) ook gewoon niet zo lekker. Dan heb je niet echt tijd om te landen, je spulletjes een beetje uit te pakken. Leven uit de koffer is het niet helemaal voor mij. Ik kom dan niet goed tot rust en voel een soort levendige onrust tot we er zijn.
De komende dagen is dat uberhaupt een uitdaging, want op de komende drie locaties zitten we steeds maar 1 nacht. Eigenlijk weet ik ook dat ik daar last van heb en daarom boeken we meestal plekjes voor minimaal 2 nachten, maar ergens in het communicatieproces met de reisorganisatie is dat hier een beetje mis gegaan. En dus ben ik niet mijn beste zelf vandaag en zit ik een beetje op de klok om door te rijden. Tel daar ook nog bij op dat we hier op Sicilië maar een paar overnachtingsplaatsen met zwembad hebben, en de komende is er 1 van, en daar wil ik eigenlijk de hele middag in dobberen met Sam. Ook hem gewoon lekker even te laten aanmodderen en zelf ook even lekker afkoelen en niets hoeven.
Lang verhaal kort, ik heb een gezicht als een oorwurm in het amfitheater. Nou heb ik uberhaupt al een beetje een lage ‘stenen-tax’, en kan dat amfitheater me eigenlijk gestolen worden. Tegelijkertijd vindt Bas dit soort plekken wel altijd heel mooi en interessant en vakantie doen we voor ons allemaal! En daarom gaan we dus wel naar dit amfitheater. En doe je het niet voor het theater, dan is het uitzicht over de baai en op de Etna de moeite wel waard.
Ik vergeet te vertellen dat het hier vandaag ruim 40 graden is en dus laat ik Bas lekker zijn rondje doen in het theater en zoek ik de schaduwplekjes met wat wind onder de bomen op. Zodra we een beetje rondgebanjerd zijn en tevens wat foto’s geschoten, lopen we nog een stukje door het sfeervolle stadje en ik wil ervan genieten, maar eigenlijk wil ik gewoon vertrekken. Mijn planning komt al niet zo lekker meer uit, ik wil snel wat eten en gaan als Bas voorstelt het stadje nog even mee te pakken. Helaas/gelukkig speelt mijn gezicht boekdelen. Soms vind ik het zo jammer van mezelf dat het me dan niet zo goed lukt om me daar dan overheen te zetten en te denken: kom, laat het los-dan zijn we wat later in het hotel.
We happen dus een lekkere pizza-slice weg en gaan dan toch richting Siracusa, waar we in ons mooie hotel met zwembad aankomen. Daar maken Sam en ik dus gelijk lekker gebruik van en hangen ruim een uur op allerlei aanwezige opblaasattributen, spelend met Bal, opblaasbed en opblaaseenhoorn. In die laatste kon Sam zitten met zijn beentjes los van elkaar door de onderkant om er als het ware ‘op’ te zitten, maar 3 minuten nadat ik hem daar in zet wil hij er snel weer uit, omdat er toch iets bekneld is komen te zitten tussen zijn benen hahaha en ‘dat voelt niet zo fijn zo mama’.
Ortigia
Het Albatros hotel is werkelijk prima en nadat Sam en ik weer helemaal afgekoeld zijn gaan we begin avond met zijn drietjes richting Siracusa. De hotel-hostess heeft ons wat tips gegeven en dus gaan we naar het schiereiland ‘Ortigia’. Nouuu en dat is toch werkelijk een plekje, mensen. We parkeren onze auto net een stukje buiten de oude stad en lopen over de brug zo de sfeer in. Onder een stel mooi geknipte ficussen staan gezellige kleine barretjes, een avondmarkt en dan hebben we de stad zelf verder nog niet gezien. Zodra we de hoofdstraat verlaten naar een klein zijstraatje komen we in het meest schattige straatje wat ik deze vakantie gezien heb. Allemaal van die huisje met balkonnetjes, vol met plantjes, lichtjes, tafeltjes, stoeltjes. En volledig authentieke zaakjes. Van die winkeltjes waar je niet de 100-in-een-dozijn souvenirs vindt, maar de mensen die echt nog een ambacht hebben gemaakt van het creëren van kunst. Je raadt het al, we zijn niet met lege handen naar huis gegaan. Maar zoveel mooie exclusieve dingetjes, echt ook gewoon heel leuk om te kijken. En die schattige straatjes: dat zijn ze eigenlijk allemaal hier, niet een specifiek plekje waar je doorheen moet volgens elke Tripadvisor top 10. Elk straatje waar je inkijkt vraagt om een foto en dus kan Bas zijn lol op. En een straatje wat een ingang voor een restaurantje is, is ook altijd weer omgeven door groene plantjes. De duomo van zandsteen en het fort op het uiteinde van het schiereiland zijn slechts plussen op een toch al heel mooie avond. We zoeken nog een geocache met Sam, middenin een parkje langs de zee met eeuwenoude ficussen en flaneren langs de zee, al ‘nee’ zeggend tegen de overigens niet opdringerige restaurant-eigenaren. Wij hebben namelijk al een restaurantje aangeraden gekregen waar we zo gaan eten.
Rond 19:00 komen we terug bij Tavernetta Uno da Simone, in dat schattige straatje. Het lijkt dicht te zijn, er is verder niemand, maar het is wel degelijk open en we zoeken een tafeltje in het restaurant. Sam vermaakt zich met zijn letterboekje en ik drink een kannetje lokale (heerlijke) witte wijn. Aan zee hier moet je natuurlijk vis eten en dus eet ik de lekkerste vis-pasta die ik ooit gegeten heb. Echt elke sliert is weer een genot voor de smaakpapillen. Jeezzz, heerlijk! Bas heeft intussen de gegrilde octopus en zit daar ook van te smullen. Nou, dat sluit dit dagje hier een Siracusa wel goed af zeg. Nemen we daar nog een Don Camilo cake achteraan (Een cake van chocolade en pistache; ook aangeraden gekregen): VERRUKKELIJK. Ik ben geen grote chocoladeliefhebber, maar man man man, dit is machtig lekker jongens.
Eigenlijk wil ik niet meer weg uit dit plekje en als het kon zouden we hier nog wel een paar nachtjes blijven. Dit is zo’n stadje waar je eigenlijk altijd je weg wel kunt vinden. Waar je gewoon vandaan lekker naar plekjes toe gaat en dan ‘s avonds weer land. Ik baal wederom even dat we hier maar één nachtje zijn. Op de terugweg naar de auto zoeken we tevergeefs naar een hele vette rok-top-combinatie die ik iemand heb zien dragen en helaas nergens kan vinden. Wordt weer zo’n onmogelijke missie natuurlijk om die in de komende dagen nog ergens te vinden hahaha.
Terug op de autoparkeerplaats maken we weer even opnieuw kennis met de temperamentvolle Italianen. Er lijkt wel een auto-drive-in feestje te zijn op de parking, maar het blijkt dat het leven hier NU pas begint. De parkeerplaats is afgeladen vol en er zijn zeker nog 25 auto’s aan het rondrijden op zoek naar een plekje dat er niet is. We worden intussen gevolgd door een meneer die met zijn telefoon in de hand achter ons aan rent, om ons plekje gelijk in te pikken zodra wij er uit zullen rijden. We zijn echter nog niet eens bij onze auto en in onze auto-rij staan ook al 3 auto’s te dringen. Twee mensen in een auto staan ruzie te maken om het plekje achter ons dat ook vrij is en daarbij schreeuwt een vrouw dat zij er in wil, en de andere auto schuurt gewoon lekker even tegen de auto, omdat ze niet opzij wil gaan. Wij doen net of we vliegen aan de muur zijn en proberen dan zelf maar zo voorzichtig mogelijk in ieder geval uit ons vak te rijden, waarna zij hun eigen circus verder kunnen voortzetten. Op naar ons bedje!
Papyrus-plantage: Angolo del Papyro
Zaterdag 25 juli slapen we een klein beetje uit, Bas is nog tot laat met de foto’s bezig geweest en ik was ook nog lekker aan het bloggen en dus was de nacht sowieso te kort. Terwijl we onze spulletjes alvast een beetje inpakken maken we een plan voor vandaag. We moeten door naar Agrigento, maar voordat we daarheen rijden willen we nog langs ‘Angolo del Papyro’. Hier in Siracusa is namelijk de enige papyrus-plantage van Europa. Papyrus? Ja, dat is een plant waar de Egyptenaren vroeger papier mee maakten. En dus rijden we richting plantage, maken nog even kort ruzie omdat we de parking niet kunnen vinden en lopen uiteindelijk na parkeren 100 meter verderop een smal straatje in waar de bordjes naartoe wijzen. Het is echt bizar rustig hier op een plek waar je blijkbaar de hele dag terecht zou moeten kunnen om het proces van papyrus maken te kunnen zien. We twijfelen even of we goed zitten; wel een ENORME parking die wij dus niet gebruikt hebben, als we rechts van het stukje land een man van een stoel zien opstaan die een entreeprijs van 2 euro per persoon noemt, waar we ook over gelezen hadden. Daarna worden we zonder verdere instructies verwezen naar de mooie visvijver iets verderop. Blijkbaar is het een non-verbale excursie, want hier staan meer dan genoeg papyrus-planten in een moerasachtige ondergrond, maar niets vertelt hoe dat nou precies werkt. Claude AI werkt ook hier en dus zoek ik dan zelf maar even uit hoe papyrus gemaakt wordt om Sam een kleine demo te geven met een opengebarsten stuk papyrus. Juf Ine is aan hoor. Sam is echter meer geïnteresseerd in de grote vissen die er zwemmen en dat is ook prima hahaha.
We lopen door naar een sfeervol picknick plekje met een ware kinderboerderij aan dieren, evenals een mooie pauw. Bas vist met een lange stok een uitgevallen veer uit de netjes onderhouden kooi en we genieten van de heerlijke rust hier.
Net als we langzaam toch de uitgang maar eens willen gaan zoeken, treffen we Angolo, de eigenaar van de plantage, die ons meeneemt in het proces van papyrus maken. Hij laat wat instrumenten zien en doet voor hoe dat dan precies werkt. Hij haalt de schil van de driehoekige papyrus, raspt het met een kaasschaaf, laat de stroken weken in water, legt de strookjes in gekruist verband op elkaar en drukt de vezels met een wals op elkaar om er papier van te maken. Ongeveer gelijk aan het verhaal wat ik vond, maar toch leuk als het gewoon door de authentieke plantage-eigenaar verteld en uitgebeeld wordt. Het is kort, maar dat is prima. We kopen een paar kleine dingetjes en zoeken daarna de auto weer op om door te rijden naar Agrigento.
Agriturismo huisjes
We gaan als eerst naar onze accommodatie om onze spulletjes te stallen bij ons wederom agriturismo-accommodatie en ik moet zeggen: ondanks dat het vaak pittoreske plekjes zijn, merken we dat het toch niet helemaal ons ding is. Mooi gelegen, en prima sfeervol aangekleed, maar ook hier is het weer zoeken om iemand te vinden waar we bij kunnen inchecken. De gesloten deur van de receptie zegt dat hij niet open is tot 3:30. In onze papieren staat iets anders. Ik wil net het Italiaanse nummer gaan bellen als een mevrouw de deur open doet. We hadden een code moeten krijgen via Whatsapp, maar die hebben we natuurlijk niet gehad. Als ik op vakantie ga wil ik gewoon ontzorgd zijn, gewoon me niet druk hoeven maken over kleine randzaken. En een accommodatie hoeft niet perfect te zijn, maar het is wel fijn als je weet wat je kunt verwachten dat er duidelijke communicatie is.
De beste mevrouw lukt het vervolgens niet om het slot van de kamer open te krijgen (ik krijg het systeem overigens vervolgens zelf wel aan de praat met gewoon goed observeren wat het elektronische slot vermeldt), de kamer ruikt echt heel erg vreemd en de airco valt elke 2 minuten uit misschien ook omdat hij uit 1920 lijkt te komen. Claude denkt dat de condensor bevriest of dat de filter vervangen moet worden. Ik weet het, ik lijk wel zo’n verwend nest, klagend over dit soort dingen- maar met krap 40 graden willen we gewone een goede airco om ook maar enigszins een goede nachtrust te hebben. Daar betalen we immers ook voor. Het blijft immers wel gewoon vakantie. Als we bloedheet weg hadden willen zweten, waren we wel thuis gebleven. Het is het gewoon allemaal net niet voor ons. En eerlijk gezegd had ik aangegeven dat er wat faciliteiten voor Sam moeten zijn, bij voorkeur een zwembad en ook dat mist al een aantal keer. En natuurlijk: als je een sfeervol plekje hebt in the middle of nowhere en je bent daarop voorbereid: helemaal prima, maar er is voor Sam hier ook gewoon niet zoveel te beleven. Zijn we stiekem toch een beetje luxepoezen geworden die gewend zijn geraakt aan hotels met mooi indirect licht en een zwembad? Misschien wel. Enfin, we klagen er even over en stappen daarna lekker in de auto naar Valle dei Templi, of we nou in de kamer weg zweten of bij een tempel maakt dan ook niet meer uit.
Valle dei Templi
De belangrijkste bezienswaardigheid in deze omgeving zijn de Griekse tempels bij Valle dei Templi. Die bezoeken we eind van de middag, zodat het wat minder warm is dan midden in de brandende zon met 40 graden. Met 38 is het zeker beter te doen hahaha. Nee, maar gelukkig liggen alle tempels op een hoger gelegen strook land waar ontzettend oude olijfbomen, cactussen en zelfs agaveplanten groeien. Wist je trouwens dat die laatste slechts 1x in de 9-25 jaar bloeien en daarna afsterven? En wij treffen er gewoon 2 in bloei! Het is hier prima boven: genoeg plekjes om schaduw te zoeken en door de hoogteligging is er ook voldoende wind. Desondanks zweten we natuurlijk aan alle kanten, maar we hebben genoeg drinken bij en doen lekker rustig aan. Stiekem vind ik deze tempels een stuk beter te doen dan dat amfitheater, omdat het een steeds veranderend beeld is tijdens de wandelroute.
We maken er samen een gezellige middag van en vermaken ons prima tijdens de 5 kilometer. Wel valt ons op dat het allemaal een beetje gedateerd lijkt. Bordjes zijn niet meer te lezen, onderhoud is een beetje achtergebleven, de ticket office lijkt zijn langste tijd te hebben gehad, maar misschien heeft dat ook wel juist zijn charme. Wel verdrietig vinden we de 20 werkeloze gidsen die met de uitvinding van audio guides en AI werkeloos bij de buitenmuren hopen op een gast die naar hun, ongetwijfeld gepassioneerder vertelde, verhaal wil luisteren. Ook wij maken er geen gebruik van-want we willen op ons eigen tempo met Sam kunnen lopen, maar tegelijk vind ik het schrijnend dat deze mensen, die een gewaardeerd beroep als gids uitoefenen, zo massaal misbaar lijken te zijn geworden.
Pas tegen de tijd dat wij vertrekken wordt het op deze plek drukker, misschien dat ze dan meer te doen krijgen.
We twijfelen een tijdje over waar we avondeten nuttigen tussen dorpje Agrigento en kustplaats San Leone. Met in het achterhoofd de gezelligheid in Siracusa gisteren kiezen we voor de laatste.
Verkeerde keuze.
San Leone
We komen in een compleet uitgestorven dorpje waar het afval overal verspreid in elk willekeurig plekje, zowel natuur als stad, te vinden is. Aangekomen bij de zee, verandert dat beeld niet. We kunnen de auto gratis parkeren, maar het gemiddelde restaurant lijkt de Ali-express versie van een pizzeria. Aangezien de meeste restaurants nog niet open zijn op het vroege tijdstip van 18:45 zijn we wat beperkt in de keuze. We willen Sam namelijk wat vroeger op bed hebben liggen vanavond na wat late nachten en dus zijn zelfs de Google openingstijden niet kloppend. We twijfelen even om dan maar een grote gele M te gaan zoeken, want dit gaat hem misschien niet meer worden vandaag, als we door twee medewerkers van een toch-ineens open zijnd restaurant binnen gevraagd worden. Ze hebben meer dan een pasta en dus besluiten we het er op te gokken. Als echte Google-reviewscheckers kijken we even waar we zijn gaan zitten en daar blijkt dat de beoordelingen niet mals zijn. Praktisch alle beoordelingen zijn 1*. “Zo vies dat ik het heb laten staan en ben vertrokken’. Reviews van dat soort kaliber maken ons een beetje angstig over wat we nu we al zitten, veilig kunnen bestellen. Aan een pizza margherita kan niet veel mis gaan zou je zeggen en dus bestel ik die, Bas een soortgelijke variant met ham en Sam een hamburger.
En dan is het wachten…. En stiekem zijn we echt een beetje gespannen wat er op tafel gaat komen. Er zitten hier weinig andere mensen, dus we hebben niet veel referentiemateriaal. Als ik met Sam naar de wc ga wordt er enthousiast gerookt in de keuken en het overhemd van de Italiaanse ober die ons bedient is compleet doorweekt van het zweet. Het beeld wordt er niet beter op. Het duurt een hele poos, maar uiteindelijk krijgen we onze pizza’s en burger geserveerd. En ik moet zeggen: het eerste zicht valt niet tegen: het ziet er uit als een pizza! Sams burger is prima en onze pizza bevat wat veel kaas en er zit weinig smaak aan, maar is zeker niet de slechtste pizza die ik ooit gegeten heb (ook ZEKER niet in de buurt van de beste, maar dat terzijde).
We happen alles op het gemakje weg en laten San Leone voor wat het is. Dit is niet ons plekje, waar het strand voorzien is van zooi, half overgroeid door gras. Het heeft zoveel potentie om iets moois te worden als iemand gewoon even nieuwe stoeltjes koopt, opnieuw tegelt, het onkruid verwijdert, de borders even opknapt, wat plantjes laat groeien…. Enfin, zo kan ik nog wel even doorgaan, maar ja dat is met mijn Nederlandse bril natuurlijk. Wie ben ik!
Terug in de laatste airco van vandaag; in de auto. Op naar onze accommodatie, waar blijkt dat het restaurant daarbij beoordeeld wordt met een 4,7 (uit 5) hahahhahaha. Hele volksstammen Italianen komen hier lokaal naartoe om te eten en de parkeerplaats is afgeladen druk. Hadden we niet gewoon hier…..? Ja, dat hadden we!
Dat heel Italië deze plaats als dinerbestemming gebruikt, wordt later op de avond wel een klein beetje irritanter en daarna heel veel irritanter. Onze kamer ligt namelijk AAN het restaurant en terwijl Sam eindelijk een keertje op tijd in bed ligt vieren ze hier het leven. En dat betekent: veel drank, veel herrie en veel schreeuwende kinderen die gillen en rennen, tegen onze stoelen op ons terras, niet afgescheiden. En dat is natuurlijk in de basis gewoon even aanpassen, immers: het is vakantie en willen wij echt die chagrijnige oude mensen zijn die zeiken over een beetje gezelligheid, maar tegen half 11 is Sam nog steeds niet in slaap, want ‘mama, iedereen is allemaal zo aan het schreeuwen’. Het klopt, de kinderen ruziën, schreeuwen en zijn gewoon moe, maar de papa’s en mama’s willen nog niet naar huis en er wordt ook niemand aangesproken. En alles wat je buiten hoort, hoor je binnen met de dunne muurtjes net zo goed.
Als een kind mijn stoel als verstopplek gaat gebruiken, probeer ik haar in het Engels toch even duidelijk te maken dat ik daar niet zo van gediend ben. Tegen de tijd dat we ons bedje opzoeken om 23:30 zijn zij er nog lang niet klaar mee. Ondanks mijn oordopjes, die zelfs dit geluid niet tegen kunnen houden zie ik het half 2 worden en zelfs dan is er nog volop herrie naast ons. En weet je, als je probeert te slapen en het is avond en donker, dan wordt alles gewoon nog een beetje extra vervelend. Ik probeer het los te laten, maar ik vind het gewoon schijtirritant dat er totaaaal niet nagedacht wordt over het feit dat er ook nog mensen proberen te slapen. Aan de andere kant, die mensen weten ook niet dat er ook gewoon kamers naast liggen natuurlijk, zoals wij daar ook geen rekening mee houden als we gewoon ergens in de avond uit eten gaan. De reviews op internet zeggen allemaal hetzelfde: gehorig en alle kamers naast het restaurant waar men tot laat in de nacht herrie maakt. Veelal 1*, maar door de compensatie van het super restaurant is het gemiddelde goed. Het enige positieve is het eten, en laten we dat nou precies niet geprobeerd hebben. Hahahaaa
De ochtend doet dus veel pijn en aan het ontbijt zien we aan meerdere tafels slaperige chagrijnige koppies zitten. We zijn overduidelijk niet de enigen die een slechte nacht gemaakt hebben. Het ontbijt maakt ook niet vrolijker, want het lijkt allemaal al een paar daagjes wegverpieterd te zijn. Een yoghurt en een eitje lijkt de meest veilige optie en dus besluiten we snel onze spullen te pakken en te gaan. Dit was niet ons plekje. De manager neemt de klachten van de meneer voor ons niet echt serieus en ook bij mijn check-out is geen interesse. En deze agritourisme-locatie; een overnachtingsplaats op een boerderij-was overduidelijk de in Italië beschermde term niet waard. Overigens hebben we ook geen boerderij gezien.
Scala dei Turchi
Om deze plek toch goed af te sluiten besluiten we te rijden naar Scale dei Turchi, een mooie witte kalkklif aan de zuidzijde van Sicilie. We hobbelen lekker de trapjes naar beneden af en terwijl Sam en ik lekker even dobberen in de ondiepe zee, wandelt Bas de witte klif op. Een goede verdeling van wat we allebei leuk vinden. Ik moet wel zeggen dat de vermoeidheid mijn humeur niet ten goede komt en dus zijn de vele vragen en drukheid van Sam (die ook moe is) vandaag niet de beste combi. Maar goed: het is heerlijk even uitwaaien en afkoelen in de zee en dat is echt precies wat we even nodig hadden! Fijn dat we deze plek toch op een goede manier af kunnen sluiten.
Op onze reis naar het noorden komen we echt veel zwartgeblakerde velden tegen, verbrand door de vele natuurbranden. Gelukkig is het vandaag iets koeler (32 graden) en blijven we zelf op weg naar Palermo gespaard.
Wist je trouwens dat ze hier blusvliegtuigen gebruiken die als het ware water scheppen uit lokale wateren door laag over te vliegen en dan in het ruim het water op te slaan? We kijken er een filmpje over waarin we zien hoe specialistisch werk dat is, om die bosbranden effectief te werk te gaan. En zeker niet zonder risico’s, want ze moeten ook zo laag mogelijk over de brand vliegen om te blussen. Zo zien we er vandaag heel wat heen en weer vliegen en bijna elke berg is zwartgeblakerd. Die bosbranden zijn hier echt een ding en om het van zo dichtbij te zien is best indrukwekkend.
Palermo
We rijden naar Palermo voor ook daar weer een nachtje. Daarna is het gelukkig weer even voorbij met de enkele nachtjes. En dit keer goed voorbereid alvast een fatsoenlijke parking gezocht en gevonden in de stad. Weliswaar 10 minuten lopen van het hotel af, maar met al die ZTL’s waar je voor op moet letten om een boete van 335 euro te voorkomen en halve gare parkings, waar je niet weet of je de bocht überhaupt met je auto kunt maken, heb ik maar een APCOA parking gezocht (die naam kwam me van een ooit-eerder-bezochte mediterraanse stad nog bekend voor; geen idee welke). Misschien wat duurder, maar dan in ieder geval goed en veilig parkeren. En ach, voor 13 euro voor 24 uur kun je ook geen bult vallen.
We doen even een kledingwissel van bikini naar kleding in de parkeergarage voor we de volle-bak-in-sunshine-zweet-je-kapot-tocht richting hotel doen. Hotel Tonic blijkt een prima, ietwat gedateerd stadshotel, maar het maakt mij allemaal geen reet uit, want we hebben een raam en we hebben airco en dat stelt me volledig gerust na de afgelopen nacht. Tevens lijkt er geen restaurant aan de kamer vast te zitten waar kinderen tot 02:00 herrie maken, dus helemaal prima. Leuk hoe mijn beoordelingskader in 1 dag veranderd is haha.
We chillen alle drie even op bed, want zijn nog steeds een beetje moe voordat we rond half 4 weer op pad gaan.
Francesco’s olive tour
Vanavond heb ik namelijk een excursie geboekt. Met al die olijfbomen hier is het natuurlijk ook wel erg leuk om daar wat meer over te weten. En dus heb ik een rondleiding door een olijfgaard geboekt bij Francesco en zijn grootouders. Hij is olijfolie- en wijnmaker en biedt naast een rondleiding ook een tasting aan bij zijn grootouders thuis. Altijd een beetje spannend natuurlijk, want geen idee wat je boekt; het is immers online; in dit geval bij Get your Guide, maar echt ALLE reviews waren goed en iedereen is super enthousiast over deze tour. We grappen nog een beetje over een seriemoordenaar die mensen verzamelt op het online platform en dat iedereen dan verdwijnt na zo’n excursie, nadat ze verplicht een positieve review hebben moeten schrijven. Sorry, soms komen er even wat lugubere dingen naar boven.
Alle zorgen zijn echter TOTAAL onnodig, want Francesco blijkt een zeer vriendelijke Siciliaan van 31 die aan 2 universiteiten in Spanje en Frankrijk heeft gestudeerd en daarnaast over heel de wereld ervaring opgedaan heeft in het maken van wijn en olijfolie.
Toen zijn grootouders met pensioen gingen kochten ze een olijfgaard, dat is hier vrij gebruikelijk als je met pensioen gaat, om zo nog wat inkomsten te genereren. Het stuk land met olijfbomen hebben ze de afgelopen krappe 20 jaar verzorgd en uitgebouwd tot een professioneel bedrijf dat per jaar zo’n 7000 liter olijfolie produceert en exporteert. En toch is het echt zo ontzettend klein gebleven. Ze doen alles nog zelf in de familie en alleen in de oogsttijd huren ze wat mensen in om te helpen bij het plukken.
We worden echt helemaal mee genomen in het proces en we staan natuurlijk ook weer helemaal aan om 100 vragen te stellen, omdat we het bere-interessant vinden. Sam banjert ook lekker rond en plukt wat te vroeg gevallen olijfjes van de 227 olijfbomen die er staan. Wist je trouwens dat een olijfboom pas na 5 jaar vruchten geeft?
Na de tour op de gaard gaan we naar het huis van zijn grootouders, waar we een professionele olijfolietasting doen. We krijgen zo’n klein cupje, wat we moeten walsen en waaraan we even mogen ruiken om de geur te beleven. Nouuuu, das toch heel wat anders dan onze olijfolie in Nederland hoor vrienden haha. We nemen een nipje en verspreiden het door onze mond en dat is verrassend smaakvol. Een licht scherp pepertje komt na verloop van tijd opzetten en geef een lekkere smaak. Dat pepertje zal volledig verdwijnen zo direct als we er iets van brood bij voegen, maar daarom moet je olijfolie eigenlijk even los proeven; om te weten welke kwaliteit je hebt.
In de anderhalf uur die volgt proeven we ook balsamico-azijn (dat wordt serieus ook van wijndruiven gemaakt) in twee soorten en daarnaast 2 soorten witte wijn en 1 rode. En we krijgen uitgelegd hoe we de broodjes met yummmm tapenades er op klaar maken om een echt Siciliaans broodje te maken. Nou maak je me sowieso wel blij met een tafel voor kleine dingetjes die je moet combineren en in je buikje moet stoppen, zeker als je dan uitgelegd krijgt hoe het gemaakt wordt , maar het is ook gewoon ECHT heel lekker.
Een wijntje erbij en een mooi interessant gesprek over het leven en de geschiedenis van zijn bedrijfje Essensily. Zo zouden ze allemaal moeten zijn. Wat een mooie avond! Bas en ik zijn allebei echt heel blij dat we geboekt hebben en ook Sam doet lekker aan alle tastings-behalve de alcohol natuurlijk- mee. Super stoer, want hij probeert ook alle dingetjes, zoals olijfolie en balsamico, met wisselend succes haha, maar dat maakt niet uit; proberen is voldoende.
Zulke avonden mogen oneindig duren, maar uiteindelijk sluiten we de avond af met een werkelijk verrukkelijke, ook zelf geproduceerde limoncello. Wist je dat de echt gele limoncello’s trouwens kleurstof krijgen toegevoegd om geler te lijken, omdat mensen het dan als echt beoordelen? Maar dat het dus eigenlijk helemaal niet zo geel is?
Net voor vertrek ontmoeten we nog even super lieve opa en oma van 85 en 87 die thuis komen van een bezoekje aan de plaatselijke kerk en ons super warm begroeten, waarna we nog wat spulletjes meenemen voor huis en afscheid nemen. Wat heerlijk dat deze gepassioneerde toegewijde man ons ontving. Zo persoonlijk, gewoon dit alles nog zien als een ambacht, een passie en niet (alleen) als economisch model, werkelijk mooi. Daar houden we van.
Terug naar Palermo, want voor we morgen doorrijden naar onze laatste bestemming op Sicilië, gaan we eerst nog een lekkere fietstocht door de hoofdstad doen. Het leek ons een goed idee om dat lekker uit te besteden aan een organisatie, zodat we met de vermoeidheid niet zelf onze weg hier hoeven te vinden. We hebben onze weg in Palermo namelijk nog niet helemaal gevonden. En dan is het gewoon lekker als iemand anders je even langs de highlights brengt, een leuke fietstocht uitzoekt en we fijn kunnen volgen, als een spons vertelde informatie kunnen opnemen en gewoon lekker kunnen fietsen zonder op de navigatie van een telefoon te moeten letten. Tot morgen!
En net als ik al voor pampus in bed lig bedenk ik me dat ik mijn oordopjes vergeten ben uit mijn toilettas te halen. Natuurlijk 0 zin om die te gaan pakken, maar aangezien het net de eerste ruisgeluiden buiten sluit die mij als lichte slaper wakker houden, besluit ik ze toch maar te gaan pakken.
Ik grijp met mijn hand in het inmiddels vertrouwde zakje waar ze inzitten en grijp midden in een soort gelei-achtige substantie. Die zat daar gisteren nog niet. Het raadsel waar dat vandaan komt is snel opgelost, want de eerder nog volle fles Andrélon is nu: LEEG. Helemaal zeg maar. Dus de complete inhoud van die fles is zeg maar volledig in mijn overigens perfect waterdicht gebleken toilettas van North Face.
Gatverdegatver. Of nou ja, eigenlijk niet gatver, want het is denk ik heel schoon, maar echt ALLES zit onder de shampoo....
scheermesjes, watjes, bril en brillenkoker, haarelastiekjes, oogpotlood, haarelastiekjes en du ook oordopjes. 🤦🏻♀️
Geloof me, die toilettas van mij is groter dan de gemiddelde handbagage die je bij Ryanair nog gratis mee mag nemen. En uit de oordopjes komt sop zodra ik ze samen probeer te knijpen voor in mn oren.
Zucht....
Alles gaat er uit en op de grond terwijl de halve liter shampoo er uit gegoten wordt. Maar ja dan ben je er nog niet hè. Want die shit zit natuurlijk overal. En zodra het water erbij komt wordt alles wat nog shampoo was sop.
Floddertje is er niks bij: "maar er kwam wel steeds meer schuim"
Zo goed en zo kwaad als het gaat proberen we zoveel mogelijk sop weg te krijgen, dat is nog niet zo gemakkelijk. De hele serie handdoeken van het hotel gaat er aan om overtollige shampoo te verwijderen en een half uur later ruikt de toilettas heerlijk, maar glijdt praktisch je hand uit van de hoeveelheid sop. We doen het er maar mee, we zien morgen wel.
Halfsopperige oordopjes in m'n oren en proberen te slapen maar!
Sicilyland bike tour
Nadat we de toilettas ingeruimd hebben, Bas even naar de auto op en neer is gelopen voor de spullen en een lekker ontbijtje hebben genuttigd, gaan we we richting Sicilyland lopen voor onze fietstocht.
Daar ontmoeten we Chiara en Anna, die ons meenemen door de stad Palermo in 3 uurtjes. Met een oortje in vertelt Anna ons van alles, wat ik dan weer vliegensvlug probeer te vertalen voor Sam, die zo ongeveer elke minuut begint met 'mama wat zei de gids?' En dus laveren Bas en ik tussen Engels luisteren, interpreteren en Sam meenemen in het verhaal. Het verhaal over de in Sicilië ontstane maffia gaat over stoute meneren die niet lieve dingen deden, waarop Sam gelijk refereert naar een klasgenootje die altijd schopt en slaat. 'Ja zoiets, maar dan nog veel stouter!'
En het is waaaaarm mensen! Echt zooo warm. Alsof ik gewoon een pittige workout gedaan heb. Dat is ook wel een beetje zo met Sam topzwaar achterop die fiets, maar echt alles is nat. Ik verheug me op een sloot water, maar we hebben maar 1 liter bij en nog wel 2,5 uur fietsen te gaan. Mijn mond is echter droog als een Sahara en ik begin echt even niet helemaal lekker te worden. Zo goed en zo kwaad als het gaat drinken we dus af en toe een slokje. Net als ik aan Bas opmerk dat we zo maar een paar flesjes moeten gaan fixen, zijn we bij de pauzeplek. Ik heb de neiging om in de naastgelegen fontein te springen om af te koelen, maar net op dat moment arriveert een ijskoude Cola zero. Ik stel me zo voor dat ik hem in mijn mond gooi als die meneer met die grasmaaier en zijn blote buik, maar zo charmant is het vast niet haha. Hij is wel in een minuutje op.
We krijgen intussen ook nog wat plaatselijke lekkernijen aangeboden, zoals een cannoli en vers gemaakt amandelijs (mensen kinders, dat is echt verrukkelijk!!!). Eenmaal goed en wel gehydrateerd heb ik weer veel meer energie om verder te fietsen en bezoeken we de highlights van de stad: Téatro Massimo; een prachtig operagebouw, de drie na grootste van Europa; waar vooral in onderhoud van de voorkant geïnvesteerd is om de foto's er mooi uit te laten zien. Ook de kathedraal is erg bijzonder, door de verschillende fasen in de geschiedenis waarbij het ook een moskee is geweest en de kenmerkende versieringen daarvan bevat aan de buitenzijde. Verder heeft het gotische kenmerken en ook barok stijlelementen. Het is een mooi geheel en staat ook wel symbool voor de vele verschillende culturen die hier in Palermo in vrede samenleven.
Ook de muurschildering van een donkere dame die afgebeeld wordt als heilige is erg indrukwekkend. Het is provocerend bedoeld tegen het christelijke geloof, hoe vreemd het eigenlijk is dat er geen donkere dame Sint zou kunnen zijn. Vooral haar ogen die weerspiegelen als een reflectie van haarzelf, zijn doordringend.
Bij de kathedraal krijgen we nog een arancina te proberen, een soort bal van rijst met vulling van bijvoorbeeld kip of spinazie en kaas met een rand van paneermeel. Werkelijk lekker!
Al met al is het gewoon een hele leuke tour, die ons een goed beeld heeft gegeven van Palermo. Kunnen we echt zeggen wat we van Palermo vinden? Niet echt, want meer dan een halve dag zijn we er niet geweest, maar we denken dat het hier best gezellig zou kunnen zijn. Tegelijkertijd is er ook gewoon heel veel slecht onderhouden; alsof het ooit een likje verf gehad heeft toen het gebouwd werd en er daarna nooit meer iemand naar de buitenkant gekeken heeft. Dat heeft tegelijkertijd ook wel zijn charme. Anna vertelt dat Palermo een arme stad is en de verloedering is her en der ook echt wel te zien, maar het toerisme heeft hier zijn weg wel gevonden. We zouden hier langer moeten zitten om daar echt iets over te kunnen zeggen.
Wij rijden echter vanmiddag door naar Cefalù, onze laatste bestemming op Sicilië. Daar blijven we 2 nachtjes, dus tijd om te koffer weer even lekker uit te pakken. Ik kijk er naar uit!