Onze eerste bestemming deze trip is bereikt, althans: de bestemming die we dinsdagavond om 19:30 toevoegden aan ons plan hahaha: Kandersteg! Tja, zo gaat dat met twee van die snelle beslissers. Maar als je het eindresultaat bereikt hebt, is de weg er naartoe dan ook nog wel belangrijk?! Ja zeker, want schrijven over die weg vind ik zooo heerlijk! En gelukkig (of soms helaas 🫣) gebeurt er altijd meer dan genoeg bij ons.
Het plan staat al een tijdje: in de meivakantie lekker een paar daagjes op bezoek gaan bij m'n zusje en Rafael in Zwitserland. Donderdag heen, vrijdag een dagje met ons gezin en vervolgens zaterdag, zondag en maandag lekker met mn zusje en Rafael aanklooien. Heerlijk vind ik dat ook: niet per se iets op de planning, maar alle mogelijkheid om dingen te zien en ondernemen. En zeg nou zelf: Zwitserland is op zichzelf toch al gewoon super mooi. We regelen een b&b'tje vanaf vrijdag tot dinsdag en alles is gereedheid.
Een maandje voor vertrek bedenken we dat het misschien leuk is om die eerste dag met ons gezinnetje de Matterhorn te bezoeken en er vinden heuse oriënterende chats met onze vriend GPT plaats, om uit te zoeken wat we concreet moeten doen om er te komen, welke treinen, welke routes, welke tijden en of het überhaupt betaalbaar is. Dat is het natuurlijk niet en dus besluiten we een week tevoren het gewoon te gaan doen, want ja het is immers vakantie en dan mag het alles kosten is bij ons thuis een Vermeeren-gezegde.
Het weer is ook fantastisch, en AI geeft ons een tocht van 2 uur met de auto, dan autotrein (that rings a bell, want opstappen in Kandersteg!), dan uur rijden, dan trein naar Zermatt en dan Gornergrat bahn naar 3100m hoogte om daarna hopelijk een stunning view te hebben op de Matterhorn.
Het blijkt zo'n 4,5 uur heen en 4,5 uur terug te zijn, zonder eventuele wachttijden meegerekend. Best veel voor een dagje, maar het is vakantie; dus waarom niet! Het is dan ook de Matterhorn natuurlijk! Betekent wel dat we om 5 uur op moeten, 6 uur moeten vertrekken vanaf Carm en half 7 in de avond terug zijn. Pittig dagje na een reisdag van 10 uur... en dus besluiten we, impulsief als we kunnen zijn, op dinsdagavond voor vertrek op donderdag - om toch maar een appartementje in Kandersteg te regelen, zodat we de eerste twee uur reizen (en dus slaaptijd) besparen. En Kandersteg heeft voor mij toch ook voor altijd een speciaal plekje in mijn hart ❤️, dus een extra momentje in dat prachtige dorp sla ik nooit af.
Donderdagochtend vertrekt Bas om 06:00 met de motor (er staat ook nog een gezamenlijke motor (Carmen en Bas)-autotocht (Sam, Rafael, Ine) op het programma). Sam en ik vertrekken een uurtje later, om 07:00. En hoewel het weer zich van zijn beste kant laat zien, laat België zich van zijn slechtste kant zien. We zijn dan ook, realiseer ik me, op een bijzonder ongunstige tijd vertrokken. Midden in de spits van België, die volgens mij van 's ochtends 7 to 's avonds 10 duurt. Vanaf Antwerpen tot Brussel lijkt het wel één lange domino. Het is aansluiten van de ene file in de volgende. En na 2,5 uur ben ik nog niet eens bij Brussel. "Tis een beetje drama op de weg, he mama".
Ja behoorlijk...
En ik doe mn best om niet heel chagrijnig te worden van de aankomsttijd die ik zie oplopen, wat het ene moment beter lukt dan het volgende. Gelukkig heb ik heel de Flying Tiger leeggekocht aan entertainment, zodat hij 8 uur kan overbruggen met "Wie ben ik", auto-schuifspelletje, rondjes en stokjes spelletje met water en twee knopjes die een waterstroompje stuwen (Sams persoonlijke favoriet).
Drie dagen later arriveren we in Brussel...
Hahah nee geintje, maar wel drie uur later ofzo...
Na Brussel heeft iedereen echter besloten de wegen links te laten liggen en dus tuffen we vanaf daar lekker voort. We gooien er wat brandstof in in Luxemburg (wie had ooit gedacht dat we gelukkig zouden worden van €1,72 per liter) en Sam speelt de glijbanen uit, nadat hij éindelijk met tegenzin zijn broodje pindakaas op heeft. Drie kwartier later gaan we weer op weg en rijden in een heerlijk middagzonnetje de bergen tegemoet. Er wordt wederom solitair "Wie ben ik" gespeeld in de auto (alles ligt verspreid door de hele auto) en mijn snelwegassistent doet het zware werk over de heerlijk constante snelwegen in Frankrijk.
En het blijft toch bijzonder als je zo ineens in de verte langzaam die bergen op ziet doemen… zo indrukwekkend. En dat went snel, maar ik heb het gevoel dat ik met elke hoek die we om rijden een mooiere ansichtkaart gepresenteerd krijgen. Wauw, wat is Zwitserland toch mooi.
Een krap uurtje later rijden we de kronkelhaarspelden naar kandersteg omhoog, onder de houten poort door en voel ik toch weer wat melancholisch bij de aankomst in onze jeugdvakantiebestemming, waar we zeker 10x zijn geweest. Met driehonderdzestig graden rotsen om ons heen worden we herenigd met Bas, wiens kont behoorlijk zeer doet van 10 uur motorrijden.
Het is 17:15, we hebben nog niet gegeten en nog niet ons appartementje voor vannacht bezocht en dus….
…besluiten wij nog een bergklim te gaan maken.
Joh zegt Bas, zullen we kijken of we ff een stukje richting Oeschinensee kunnen lopen.
Even voor de beeldvorming: de Oeschinensee is een enorm gletsjermeer met een diameter van 1,1km2. Het is te bereiken met een gondelbaan, die vanaf 9 mei gaat (lees:nu dus niet) Niet alleen is het meer bijzonder blauw, de omringende hoge bergen maken het tot een ontzettend fotogenieke plaats en omdat het precies boven Kandersteg ligt was het elke vakantie vroeger meerdere keren onderdeel van onze reis. Vorig jaar zomer waren we hier nog met de gondel, weliswaar een stukje bewolkter en minder sneeuw:
Het is ook het beginpunt van vele bergtochten. Maar tevens een flinke bergklim van 1,5 uur.
Met Sam…
Na 10 uur rijden…
Jot, waarom niet. Laten we kijken hoe ver we komen... Stelletje adrenalinezoekers dat we soms ook zijn....
Alles ligt vol in de zon zonder wolken, lange rit gehad, even wandelen is ook wel lekker.
Op het bordje staat 1,5 uur klimmen vermeld. Ik heb deze route talloze keren gelopen in mijn jeugd; vaker naar beneden, omdat we met een huttentocht naar Blümlisalphütte of Fründenhütte meestal de gondel omhoog pakten en daarna nog een tocht van een uur of 6/7 tegoed hadden. Ach, we kijken wel hoe ver we komen met het kleine ventje.
Hij zet zijn klimgeitmodus aan (daar krijg ik hem meestal zeker 15 minuten mee gemotiveerd) en daarna wisselen we "Ik zie ik zie wat jij niet ziet" af met een variant van "Wie ben ik", waarbij we raden met vragen wat iemand anders in zijn hoofd bedacht heeft (als elke vraag begint met "is het een vliegtuig?" weet je dat het even kan duren), waarna we dieren gaan noemen met de eerste letter van het laatste dier. Stiekem zijn we ruim een uur verder als Bas en ik elkaar rond 18:30 aankijken van "tja, eigenlijk is het nu een goed idee om terug te gaan nu Sam nog te genieten is en we eigenlijk moeten gaan eten, het avond wordt en we nog een uur terug moeten lopen".
Maar ja, de Oeschinensee roept ons met zijn fenomenale bergtoppen, die met elke stap fotogenieker worden. Ik voel ook mn maag en we zijn natuurlijk eten en drinken vergeten, Sam en ik lopen op onze gympies. Wat nou voorbereiding. Echt weer zo'n Bas en Ine-plan.
Leuk idee, slechte voorbereiding.
Google Maps vertelt ons dat we nog 23 minuten zouden moeten lopen…
…zouden we…?
Enfin, natuuuuurlijk lopen we door. En net als ik Sam bijna niet meer gemotiveerd krijg om verder te lopen vind ik de Adventure lab geocache app waar hij met een kompas op m'n telefoon de laatste 350 meter bijna rennend aflegt. Leer mij m'n kind uit te dagen hahaha, want met in totaal na deze heenweg 4 km verder en 400 m klimmen (lijkt weinig, maar waren een paar heerlijk smalle bergpaadjes bij) arriveren we in mijn jeugdherinneringen.
Een bijna volledig bevroren Oeschinensee met sneeuw op de grond en op de bergen laat me sprakeloos achter. Wauw! Dit is het zó waard. Het hele sentiment van vroeger komt boven en wat is dit toch een prachtige plek. Zonder twijfel een van de mooiste plekjes die ik in ieder geval ken. Maar dan met serieus nog sneeuw, want ik ben hier enkel in de zomer geweest. En dit sneeuwplaatje is toch echt wel van een andere orde.
Bas en ik kijken elkaar aan van: "ja toch goed dat we doorgelopen zijn", en genieten van het uitzicht en de prachtige zon op de Fründenhorn en Blumlisalphorn. Wat kan de massiviteit en oerkracht van natuur je toch blijven verbazen.
We trotseren wat modder en Sam wat sneeuw (hij valt er face forward in als hij even uitglijdt met een heerlijke huilbui tot gevolg omdat het zo koud is). Met veel moeite krijg ik hem vervolgens overtuigd om zijn armen even te spreiden voor een instafamous foto, voor we onze beider nieuwe schoenen weer door de modder heen slepen om terug naar het gebaande pad te lopen. Tja, hier heb ik wel een stel schoenen voor over haha.
Na een half uurtje genieten besluiten we toch maar eens terug te gaan wandelen. Het is immers 19:30, de zon gaat onder rond 20:30 en de heenweg was zéker 1,5 uur. En we weten niet hoe Sam zich gaat houden.
Die is er na 50meter ongeveer al klaar mee en dus heeft mijn brein alle inspanning nodig om te bedenken hoe we hem hier naar beneden gaan krijgen zonder dat we hoeven te gaan tillen. Want hoe groot is de effort als hij trots op zichzelf kan zijn dat hij heel dit stuk zelf gedaan heeft. (+ onze rug/schouders bidden met ons mee)
En ineens heb ik een wedstrijdje met papa bedacht (zelf ook een beetje onder de indruk van mijn eigen creatieve spelletjebedenkmodus). We gaan een voorsprong proberen te krijgen op papa. En voor ik het weet rennen we bijna die berg af van motivatie. En het verbaast me eerlijk gezegd hoe lang die weg naar beneden dan eigenlijk nog is, me realiserend dat we dit hele stuk toch echt daarstraks een stuk langzamer zonder problemen naar boven zijn geklommen. Onze daalmodus werkt een stukkie beter dan de stijgmodus. Bas doet het dalen wel wat rustiger aan met z'n knietjes, wat voor het spelletje weer mooi uit komt. Ik denk dat we het spelletje van voorsprong nemen zeeeeker een half uur volhouden. Daardoor missen we wel het schouwspel aan gemzen dat aan papa’s pad voorbij komen, maar tegen de tijd dat het “ik ben moe” en “mama, ik wil even rusten” "zijn we er al?" "Waar is de auto nou?" aangebroken is, hoeven we nog maar een krap kilometertje te lopen en die vullen we met namen noemen met alle eerste letters van het alfabet. Tot zover de hoge hoed van spel-ideeen voor een kind van 5!
De teller eindigt vandaag bij 8 kilometer wandelen met 400 hoogtemeters en ik ben serieus echt super trots op onze kleine ventje dat dat gedaan heeft. Het vergt wat creativiteit, maar zo hebben we serieus wel echt ALLES uit deze avond gehaald. Ik had ECHT niet gedacht dat we serieus daar boven zouden zijn na een rit van 10 uur. Toch nog even Kandersteg meegepakt, nooit een straf! Deze vakantie is het nu al waard, alleen al van het feit dat we dit nog even hebben kunnen zien!
In onze B&B van vanavond treffen we 1 bed te weinig, maar daar laten wij ons niet door uit het veld slaan en dus krijg ik Sam enthousiast om vanavond op de bank te slapen (het is maar hoe je het brengt 😉), waarna ons hele gezin de oogjes al voor 10 dicht heeft in het verder prima appartement met 360 graden beeld op het gebergte om ons heen….. nu nog hopen dat we geen boete scoren met onze illegale parkeeractie bij het compleet uitgestorven hotel naast ons.
…om om 5:50 de wekker te zien afgaan. We hebben nu immers ruim 2 uur tijdswinst, omdat we hier niet meer heen hoeven te reizen, maar laten we die dan deels gebruiken om meer tijd te hebben voor onze bestemming van vandaag: Zermatt en de Matterhorn! 🏔️
Vaak van gehooord, maar nog nooit geweest en Bas juist des te meer in zijn jeugd. En daar tegenover staat dat we daarvoor op de autotrein moeten om door de Lotschpasstunnel van Kandersteg naar Goppenstein te rijden. En hoewel ik dus verscheidene malen hier op vakantie ben geweest, ben ik nog nooit op de autotrein geweest. En zoals zo vaak met zoiets nieuws, ben ik weer als een kind zo blij om deze nieuwe ervaring te omarmen. In tegenstelling tot mij is Bas hier als kind verscheidene malen op de autotrein geweest om van Saas-Fee een dagje naar Bern te gaan. Echter, hij is daarbij nooit in Kandersteg gestopt, maar er slechts doorheen gereden. En dus was vorig jaar met ons en Carmen al zijn Kandersteg-ontgroening.
Enfin, totaaaal uitgestorven hier dit gebied in Kandersteg gisteren en vandaag en dus kunnen we krap iets over 7 uur de autotrein op rijden. VEEETTJES! Gaaf man, zo’n trein met wagonnetjes waar je dan met je auto overheen rijdt en netjes parkeert achter je voorganger om uiteindelijk een 15 kilometer lange tunnel door te rijden die al in de tijd van bouwen zijn tijd ver vooruit was doordat hij al in 1913 op elektriciteit reed. Twee enkelspoor treinen die de twee bergdorpen met elkaar verbindt, om uren omrijden te voorkomen. Nee maar echt, das toch vet om mee te maken als je je hele vakantieleven hebt gezien dat die trein vertrok, maar niet wist waar hij dan heen ging? (De trein zelf wel gezien natuurlijk, maar das toch anders).
Een krap half uurtje later rijden we weer comfortabel van de trein af en realiseer ik me, zodra we richting Brig rijden, dat ik hier al eens geweest ben. In 2004 zijn mama en Arie samen de Lotschpasshutte gaan lopen, een hoge berghut bovenop de berg waar we zojuist doorheen gereden zijn.
Eerder dan dat jaar hadden we die tocht van een volledige dag al eens in de regen geprobeerd te maken met ons gezin, maar zijn we nooit aangekomen en uiteindelijk teleurgesteld terug moeten keren naar huis zonder hut op onze (destijds fameuze en zeer belangrijke) huttentochtkaart van Kandersteg, waar we gedurende heel de vakantie berghutten wandelden, stempels verzamelden en uiteindelijk bij 4-6 hutten en medaille ontvingen. En wij er natuurlijk 8 probeerden te halen.
Later heb ik in 2008, toen ik met Sven op vakantie in Kandersteg was, de Lotschpasshutte alsnog gehaald over de gletsjer op een mooie zonnige dag op onze zomervakantie.
Maar terug naar ons verhaal, want in die zomer in 2004 gaan mama en Arie die tocht maken. Carmen is 11, ik ben 16 en oma en opa van Renssen zijn op hetzelfde moment op vakantie in Kandersteg (van wie zou deze bestemming toch komen 😁🇨🇭) en wij wandelen die dag met opa en oma de Sudrampe, een bergwandeltocht die redelijk op gelijke hoogte blijft en opa en oma, die inmiddels 73 en 75 zijn op dat moment, nog kunnen doen. Veel respect voor hoe zij, ondanks dat dingen soms niet meer gingen, accepteerden dat het niet meer ging en alternatieven kozen die dan nog wel lukten, zoals deze Sudrampe. Deze dag liepen wij met hen, naar ik meen, zo’n 23-25 kilometer in 7-8 uur van Hohtenn naar Brig. Een heerlijke dag, met gelukkig ook nog een paar foto’s van kleine Ine en kleine Carmen.
Het voelt een beetje melancholisch met opa en inmiddels oma ook overleden, dat we dit mooie moment (dat we hier nu zijn in de buurt zijn op dit mooie plekje met hen), niet meer met hen kunnen delen. Maar in mijn gedachten zijn ze samen en die gedachte geeft me een gelukkig gevoel en tevens een brok in mijn keel.
We rijden verder en potver wat schijnt dat zonnetje lekker vrienden! We rijden een uur naar Tasch, pakken daar de trein naar Zermatt en vervolgens een rateltreintje naar Gornergrat op ruim 3000 meter hoogte met serieus GEWELDIG uitzicht op de fenomenale Matterhorn, die daar zo prachtig solistisch puntig staat te zijn. De jeugdherinneringen van Bas komen dit keer even boven als hij over de omgeving vertelt waar hij met zijn vader zo vaak geweest is. Helaas kunnen we het ook met hem niet meer delen, maar gelukkig kunnen we het wel aan onze kleine vriend doorgeven.
Compleet bedekte ijsview op 360 graden zorgt dat we even sprakeloos zijn. Het is hier totaal niet druk in deze periode en dus staan we ruim een uur eerder dan gepland al boven. Ook de kou valt erg mee en dus kunnen we binnen no time zonder jas sneeuwballen gooien. Sam gaat lekker zelf op ontdekkingstocht en trotseert sneeuw en een verrekijker, terwijl wij een praatje maken met wat Amerikaanse bezoekers uit Virginia.
Na ruim een uurtje op de top dalen we langzaam weer af om in Zermatt heerlijk in het zonnetje te genieten van een cappuccino’tje en mini pizza.
Godver wat is het leven toch zwaar hier. Dat vind de portemonnee een kwartiertje later wel als we weer wat souveniertjes scoren en ik de Mac Donalds misbruik om een klein ventje van twee turven hoog een grote boodschap te laten doen (nou, hij mag dan klein zijn, maar stinken kan ie als de beste).
We blijven even kijken bij wat wegwerkzaamheden “Mama, wat zijn die meneren aan het doen?” “Waarom zijn ze dat aan het doen?” “Wat is dat wat die meneer in zijn hand heeft?” “Waarom moeten ze dat nu doen?” En dan op repeat.
Snap je ons leven? :)
We hobbelen lekker door, genieten lekker door met het zonnetje op onze bakkes als we rond 14:30 weer terug afdalen voor de lange terugreis. Die leidt ons langs mooie bergwateren, meren, haarspeldbochtjes 2,5 uur lang naar tante Carmen. Sam stuurt in het laatste uur zijn eigen getypte berichtjes naar tante Carmen, want hij kan al dagen niet wachten om bij haar te zijn als we uiteindelijk krap voor 7 arriveren in Bremgarten bij Rafaël en Carmen.
...Om daar heerlijk warm ontvangen te worden. Moe zijn we allemaal, maar de heerlijke stamppot gaat er ontzettend goed in en na een toeristische uitdaging om onze spullen binnen de maximale parkeertijd van 15 minuten naar het autovrije b&b’tje in het centrum te brengen (echt een TE cute plekje) kletsen we nog even voor we rustig de avond een avond noemen.
Gelukkig zijn we hier pas net, maar potver wat is het genieten.
(eerst even de berichtgeving van een vijfjarige:)