Om 05:00 opstaan went nooit vrees ik. Vandaag vertrekken we uit Varanasi om de grens met Nepal over te gaan voor het tweede deel van onze reis. Dat is een reis van 360 km. Zo gepiept in een uurtje of 3 zou je zeggen, maar hier in India doe je 11 uur over zo'n reis. Dat lijkt bijna onvoorstelbaar, zelfs als je vooruit kruipt. Maar Indiase wegen zijn een heel andere categorie dan welke wegen dan ook. Ik kan dan ook alleen maar respect opbrengen voor onze chauffeur, Rakesh, die de volledige 11 uur op zich neemt. Dat betekent een gemiddelde van 35 km/h en dat lijkt me nog best ambitieus als ik de weg voor me bekijk. Door de vele regenval is de conditie van de wegen ronduit slecht. De volledige breedte van de weg wordt in beslag genomen door diepe gaten van soms wel 20 cm diep, gevuld met regenwater en modder. Rakesh moet van links naar rechts over de weg om zoveel mogelijk de gaten te vermijden, maar aangezien die zo ongeveer overal zijn lijkt dat een onmogelijk opgave. 11 uur rijden is al veel als je vanuit Nederland naar Frankrijk rijdt, maar dan kun je op de snelweg in ieder geval nog 130 km/h cruise control aanzetten en voorzichtig rondom je heen scannen om te zien of er iets onverwachts gebeurt. 11 uur in India is continue focus: het verkeer komt van voor, achter, links, rechts tussendoor, je moet de gaten vermijden of er in ieder geval niet in vast blijven zitten, je moet letten op de mensen die gewoon de straat over lopen, de dorpjes en steden waar je doorheen rijdt zorgen voor enorme opstoppingen en dan moet je ook nog gewoon je gaspedaal in blijven drukken en soms de telefoon opnemen. Alle respect voor onze chauffeur vandaag, want ik zou niet met hem van plaats willen ruilen. Ik lig wederom op de voorste bank in 26 posities om te kunnen slapen, want ik ben dan misschien niet heel ziek meer, hersteld ben ik eigenlijk nog niet helemaal. En met dit hobbelpatroon wordt mijn buik ook niet gelukkiger, dus kan ik dan maar beter gewoon liggen. Ik slaap ruim 3 uur, waarbij ik wel moet op letten dat ik niet liggend van de bank af val door het vele remmen. Dat doe ik door mijn hand bij de stoel te houden en die vast te grijpen als we hard dreigen te gaan remmen.
Rond half 10 worden we gestopt door twee mannen, 1 stevige man met een stok, 1 tengere man. Onze chauffeur doet het raampje open en er start een gesprek, terwijl de man buiten een roze papiertje af scheurt en onze chauffeur de man 100 roepies geeft. Al die tijd staat de man met de stok ernaast. Het geeft me een onprettig gevoel. Als het raam dicht gaat en we door kunnen rijden, vraag ik RV of dit ook voor koffie/thee is. RV knikt. Ik kijk verbijsterd op: "but they don't even wear policesuits, or..." En ook dan weer zegt RV zijn welbekende oneliner "Welcome in India". Dan stel ik de vraag die nu ook al een tijdje op mijn lippen ligt: wat deed die man met die stok daar? "Die was op de auto gaan in slaan als we niet betaald hadden". Mijn mond valt open van verbijstering. Wat?! Het feit is dat ze onze toeristenbusjes weten te vinden. Onze reisleiding wil geen trouble met dit soort dingen en dus weten onze 'overvallers' dat de chauffeur het kleine bedrag van 100 roepies zal willen betalen om verdere problemen te voorkomen. Waarmee dus eigenlijk ook het gedrag instand gehouden wordt dat men zomaar als wildvreemde een busje aan kan houden voor geld. Maar even voor de beeldvorming. Een gids voor een stadstour krijgt aan het eind van de dag een fooi van 100 roepies en als chauffeur verdien je bijna niets, dus kosten dit soort grapjes onze chauffeur best wat. Hij krijgt dit ook niet terug, volgens RV is het een understanding between the driver and them. We rijden verder en ervaren nog een keer een soortgelijk tafereel, waarna we gaan lunchen in het enige 'veilige' restaurant tussen Varanasi en 'Sonauli' (de grens).
We stappen binnen in een enigszins tentje van achterstandsglorie en Bas bestelt een Fanta. Hij krijgt een flesje met wit langs de verzegelingsdop en aan de bovenkant... toch maar een nieuwe? De volgende die hij krijgt smaakt niet meer naar Fanta. Voor de zekerheid dan maar een tomatensoep als lunch. Ik ben al niet lekker en het risico op wederom een dag wc-knuffelen staat niet hoog op m'n verlanglijstje en dus wordt het een garlic naan en tomatensoep creme voor ons beiden. Als die even later verschijnt, vindt Winnie in haar soep een vlieg (nota bene als vegetarische). Dat is al niet zo frisjes, maar even laten breekt echt mijn klomp als Bas een kakkerlak vindt in zijn tomatensoep. SAY WHAT?! ?! WHAT?! Flexibele mindset OK, maar dit gaaat wel een beetje ver... We kijken elkaar en RV even met heel hoog opgetrokken wenkbrauwen aan, waarna die op hoge poten (maar wel met de nodige RV-kalmte) naar de keuken vertrekt om 1. om nieuwe soep te vragen en 2. te zeggen dat Shoestring nooit meer bij dit restaurant komt. De volgende soep kijken we wat zorgvuldiger door, waarna we de verlepte broodstukjes (provosorische croutons) toch maar even laten voor wat ze zijn. RV regelt dat we de soep niet hoeven te betalen en we vertrekken voor een stuk van 2uur naar de grens.
We hebben van RV een streng protocol gekregen van hoe je je bij de grens moet gedragen, dus we zijn allemaal en beetje op onze hoede. Zo'n 500 meter voor de grens stappen we uit ons busje, waarmee we ook niet verder zullen rijden. Onze chauffeur, Rakesh moet zo dadelijk gelijk nog ruim 11 uur terug rijden naar Varanasi. Hier bij de grens is het namelijk niet veilig en dus rijdt hij 11 uur met ons en vervolgens 11 uur terug. Onvoorstelbaar dat dat gewoon verantwoord mag met de enorme drukte en chaos die hier heerst op de wegen. RV heeft ons aangegeven dat hij het belangrijk vindt dat chauffeurs een goede fooi krijgen. Chauffeurs verdienen hier vrij slecht en moeten meestal ook nog hun eigen overnachting regelen die ook vaak geld kost. Ze slapen namelijk niet in het hotel waar wij overnachten. Hij krijgt van ons daarom een dikke fooi voor zijjn goede werk, waarna we uitstappen, de bagage op een riskha gelegd wordt en we lopend naar de grens toe gaan.
Je kunt hier zien dat gewerkt wordt aan de infrastructuur, niet omdat de weg beter is maar omdat de mensen aan beide kanten van de straat bezig zijn hun huizen aan de voorkant af te breken. Zij worden bij een wegenuitbreiding gesommeerd hun huis een meter of 3 in te korten en de muren, plafond en dergelijke af te breken. Dat zie je dus ook aan beide kanten gebeuren door plaatselijke bewoners. Winkeltjes zijn niet allemaal bereikbaar door de al uitgegraven weg die recht voor hun ingang ligt en wederom mensen en veel afval. We lopen tussen de vrachtwagens, auto's, riksha's richting grens, terwijl er op dezelfde weg ook mensen onze kant op komen. Het is warm en vochtig en RV laat de man met de riksha dan ook voorop lopen en ons af en toe even schuilen in de schaduw. Eenmaal de grens over volgen de formaliteiten; formuliertje hier formuliertje daar. Allemaal in een vrij chaotisch tempo, waarna we daadwerkelijk in Nepal zijn! We zijn gewoon in Nepal; joehoe!!! We stappen ons nieuwe busje in, rijden een uurtje en WAT EEN VERSCHIL! Er staan hier verkeersborden op de weg en zelfs wegmarkeringen om aan te geven welke richting het verkeer op
gaat, er staan minder huizen, er is minder afval, minder mensen en... waar is het getoeter ineens gebleven?! Misschien wel niet meer nodig als je gewoon weghelften hebt. De omgeving ziet er natuurlijk uit, veel groen, water, bomen. Het lijkt precies op datgene wat we nu nodig hebben: rust! Maar we houden een slag om de arm.
Dan komen we aan in een schattig hotel waar we ontvangen worden met een omslagdoek en een koud doekje om af te koelen. Heerlijk zo'n welkom! Even later ontvangen we de sleutels van onze huisje voor een nachtje en ploffen lekker even samen neer. Althans lekker neerploffen... het bed voelt even als een plank, dus lekker is anders, maar het maakt ons niet uit: we zijn in Nepal! :) Ik neem een duik, Basje rust even uit en we eten heerlijk in het resortrestaurant. Dit voelt dan wel weer een beetje als vakantie ;)
's Nachts is het bij mij weer een drukte van jewelste op het toilet, met geuren die hele kerkhoven kunnen creeren. Ik ben weer terug bij het diarreestadium. Jakkie bah :( . Enig voordeel is wel dat het vomeren dit keer niet included is, waardoor het iets beter te 'behappen' (haha woordspeling) is.
Ik voel me wat slapjes 's ochtends, maar ontbijt gelukkig met honger als vanouds voordat we vertrekken naar Lumbini. Lumbini is de geboorteplaats van Boeddha, wat uiteraard dus een erg belangrijke plaats is voor boedhisten. Vandaag bezoeken we precies de plaats waar hij geboren is in Lumbini. Uiteraard komen daar ook vele boedhisten om waardevolle dingen te offeren aan boedha. Ik heb er wel zin in! Eerst bezoeken we de stoepa aan de zijkant van het park. Later krijgen we de mogelijkheid om 1,5 uur zelf door het park te lopen. Dit doen we en we laten ons zegenen door een boedhistische monnik onder een grote eeuwenoude boom. We worden aangeraakt met het boek en krijgen een oranjekleurig armbandje om. De man prevelt wat woorden die we niet begrijpen, maar waarschijnlijk met vredelievendheid uitgesproken worden. We bezoeken de letterlijke geboorteplaats en gaan daarna nog op bezoek naar een aantal kloosters op hetzelfde terrein, tussen de jungle waar we in zitten, die door de verschillende landen geschonken zijn aan Nepal; bijvoorbeeld vanuit de boedhistische gemeente. Omdat de geboorteplaats zo speciaal is, willen ze op die manier hun aanwezigheid een beetje laten blijken. We genieten van de pracht en praal hier en hebben eigenlijk net te weinig tijd om alles te bekijken. Teruglopend naar de bus is het heerlijk rustig om ons heen: geen mensen, alleen natuur. Ik voel me langzaam een beetje tot rust komen. Dit kan ik eigenlijk wel gebruiken. Gewoon even alleen wij en de natuur. Ik voel me weer een beetje terugkeren naar mezelf als ik het busje weer in stap om naar Chitwan National Park te rijden. Langzaamaan rijden we de bergen omhoog in, waar we prachtige vergezichten zien over het rustige natuurrijke Nepal. Haarspeldbocht in, haarspeldbocht uit. Steeds hoger gaan we de bergen in. We lunchen langs de bergweg bij een locale mevrouw in een klein hutje, die op een stenen vuurtje een heerlijk noodle-maaltje maakt, wat overheerlijk smaakt! Halverwege voel ik me alweer vol, maar ik besluit even door te eten, om ervoor te zorgen dat ik wellicht wat goede groente-energie op doe. De bus zorgt voor een slaapritme waar je u tegen zegt en dus slaap ik de twee uur erna weer tegen Bas' schouder als we richting Chitwan rijden. De verandering van het uitzicht is een verschil tussen dag en nacht met India. Natuur, overal waar ik kijk; groene bomen, grote velden, meren, rivieren. Geen vliegen, geen afval, geen half vervallen gevels of huizen. We rijden een klein eenrichtingsstraatje in en ik ben benieuwd waar we dit keer uit zullen komen. Het regent en is echt jungleweer. Ik voel me hier wel fijn. We rijden wat straatjes door en komen langs het ene na het andere hotel dat aan de rand van het Chitwan National Park staat. Net als ik denk dat we niet meer verder kunnen, komt er toch weer een volgend straatje waar we in rijden. Na 15 van die momenten komen we in de stromende regen aan bij Rainbow Safari Resort. Maar dat maakt niet uit, want regen in India is 25 graden, dus totaal niet koud. En eigenlijk heeft het wel wat. Als je dan in de jungle bent, moet je natuurlijk wel jungle-weer hebben. Ons hotel ligt verscholen tussen allerlei jungle-bomen en groen (jaja, het Center Parcs gevoel) en is echt suuuuper cute. De stroom wordt vanavond om 18:00 aangezet (hoe cool is dat!!!!) en we hebben een buitenzitje met twee houten stoeltjes, waar je lekker kunt uitkijken op de regen en onweer. Rond 17:15 gaan we even naar de riverside om te kijken voor wat rhino's. Maar vooral: wat heerlijk dat we hier zijn. Ik voel me veel beter dan de afgelopen dagen; rustiger, relaxter. Gek hoe dat zoveel kan schelen in welke omgeving je bent. Ik heb gewoon even rust nodig. Het geluid van roekoe's, vogeltjes, kleine miertjes die over de tafel lopen. Bas en ik voelen ons allebei beter, geen pijn in de buikjes, geen onrustgevoel vanwege alle drukte. Langzaam voel ik m'n energiemetertje weer vollopen. Nog even en ik ben weer helemaal terug bij mezelf! En dit is nog maar dag 2! Welkom in Nepal!